Arno ‎– Opex (LP Clear Vinyl)

€24.95

Opex is genoemd naar de buurt waar Arno opgroeide, de wijk in Oostende die soms ook de ‘Vuurtorenbuurt’ wordt genoemd. Zijn grootouders hadden er een café genaamd Lulu, naar hun dochter (oftewel de naam van zijn moeder). Zijn grootmoeder zong er zo regelmatig een liedje en zijn grootvader, Charles, kaartte er al eens. Eens zijn kleinzoon oud genoeg was, nam hij Arno Charles Ernest Hintjes (zoals Arno volledig heet, deels naar de desbetreffende grootvader) mee naar volksbals om hem te tonen hoe hij vrouwen moet versieren, het onderwerp van “Mon Grand-Père”. Het lied klinkt heel zwaar en heeft wat weg van Charles and the White Trash European Blues Connection uit 1998, maar dan minder schreeuwerig. De gitaar galmt als een donkere nacht, terwijl Arno over de knappe maîtresse van zijn opa zingt. Het vuile nummer wordt deels opgeblonken door wat pianoklanken en zijn dierbare mondharmonica. Het nummer, en Opex als geheel, is geen feelgoodmuziek, maar Arno blijft wel als geen ander een bepaalde sfeer neerzetten.

 

Opa Charles is niet het enige familielid dat eventjes aan bod komt op Opex, want ook Peter en Felix Hintjes zijn hier te horen. (Naast de op café zingende oma zit muziek dus wel degelijk in de familie.) Jongste zoon Felix maakte beats voor “La Verité” en “I’m Not Gonna Whistle”, het eerste en laatste nummer van de plaat. Op die laatste is ook broer Peter met zijn saxofoon te horen. Wie ooit naar Arno belde en op voicemail terecht kwam, hoorde hem naar verluid fluiten. Dat hij dat nu niet meer zal doen, wordt duidelijk op “I’m Not Gonna Whistle”, aangezien de titel de enige tekst van het levendige nummer is. De mondharmonica en saxofoon scheuren er op een feestelijke manier op los, waardoor er een leuke dynamiek ontstaat tussen de twee instrumenten en dat ene zinnetje dat herhaaldelijk aan bod komt. Een vrolijkere manier om Arno’s laatste album af te sluiten, bestaat er haast niet.

 

Arno haalt er doorheen Opex niet alleen zijn familie bij, maar blikt ook terug op zijn eigen muziek. “I Can’t Dance” is een herwerking van “I Can Dance” uit de jaren zeventig van Tjens Couter, die niet geweldig veel verschilt van het origineel, maar er wel mag zijn. “La Paloma” van Charles et Les Lulus uit 1991 klinkt dan wel weer helemaal anders. Op het origineel horen we Arno nogal nonchalant zingen met een fanfare, waardoor het lied nogal bombastisch klinkt. “La Paloma Adieu” werd een duet met Mireille Mathieu, een 76-jarige Franse zangeres. Deze versie van “La Paloma” brengt wederom een specifieke setting met zich mee. Een oud mannetje die op een zonnige dag in zijn veranda de krant leest en wat mompelend zingt, terwijl zijn vrouw wel nog uit volle borst zingt. Mireilles stem is als een engel die de afstervende stem van Arno ontvangt in de hemel. En dat mogen we eigenlijk letterlijk nemen. Hintjens en de muzikanten hadden hun deel van Opex al opgenomen, maar met de opnames van Mireille ging er iets mis. Toen ze het lied later opnieuw inzong in Frankrijk en Arno te horen kreeg dat het deze keer wel goed is gedaan, pas toen was het tijd voor zijn adieu.

 

Dat Arno soms een onnozelaar is, moeten we je niet vertellen. Hij zong over patatten met saucissen, zijn kleintje waarmee hij ver kon schieten en de pilletjes die zijn mama tussen zijn billen schoof. Dat hij op Opex over zijn ‘bouletten’ zingt, is dus weinig verrassend. Het nummer heeft een lekkere beat, een echoënde gitaar en een heerlijke baslijn. Het rocknummer voelt door de beat hedendaags aan, maar straalt tegelijkertijd toch iets nostalgisch uit, waardoor “Boulette” eigenlijk een tijdloos lied wordt. Het daaropvolgende “One Night With You” (origineel een r&b nummer dat bekend werd in de versie van Elvis) klinkt nog wat meer rock-‘n-roll en als we onze ogen eventjes sluiten, zien we een jonge, knappe Arno met zijn weelderige haardos op het podium van een veel te klein café staan. Het tempo mag ondertussen vaak wat trager liggen dan ten tijde van pakweg TC Matic, maar Arno blijft op 72-jarige leeftijd wel goeie rockmuziek maken.

 

Daarnaast maakt Arno op Opex toch ook ruimte vrij voor de iets meer emotionele muziek. Opener “La Vérité” werd als eerste nummer na het overleiden van het icoon uitgebracht en de openingsgeluiden alleen al brengen een weemoedige stemming met zich mee. Naar het einde toe is er een ‘overschotje’ terug te vinden van Vivre. De pianoherwerking van “Court-circuit dans mon esprit” klinkt net als het origineel vrij zwaar. De ruwe stem van Arno en de zachte pianoklanken zorgen voor een gevoelige mix en de ‘save me, save me’ komen hierdoor extra hard binnen. Een vochtophoping in je ooghoeken kan dus zeker tijdens Opex, maar zoals eerder gezegd zijn er ook vreugdevolle momenten.In de jaren zeventig is Arno zijn muzikale carrière begonnen met bluesmuziek, een genre dat op het einde van zijn carrière nog steeds aanwezig is.

 

Toch is er op OPEX rockmuziek terug te vinden en hedendaagse beats. Arno’s laatste hoofdstuk is in zekere zin een viering van alle voorgaande hoofdstukken. De muziek van Tjens Couter wordt eventjes van onder het stof gehaald, een ongebruikte pianoherwerking met Sofiane Pamart komt hier schitterend te pas en uit zijn privéleven worden zijn zoon, broer en grootvader erbij gehaald. Ja, er is ruimte voor de emotionelere nummers, zoals dat altijd is geweest. Geen ‘Look up here, I’m in heaven‘ toestanden, maar Arno die met een minder krachtige stem dan we gewoon zijn nog eens alles geeft. Opex is een beetje van alles, maar vormt toch een mooi geheel waarop geen enkel lied moet onderdoen. Voor een laatste keer is Arno Arno, en hij doet dat zoals alleen Arno dat kan. Hij doet dat goed. Merci voor alles. Braaf zijn hé daarboven. Adieu, Arno.

 

Label: PIAS] Le Label ‎– PIASLL191LP

 

Country: France

 

Media Condition: Mint (M)
Sleeve Condition: Mint (M)

Sealed. PIASLL191LP mentioned on the side.